Wat een dag

Een paar weken terug werden wij (Joop en ik) uitgenodigd door onze dochters voor een verrassingstocht met de mededeling dat wij verder geen vragen hierover mochten stellen.
Wel dat we netjes gekleed moesten zijn. Spannend, leuk, maar natuurlijk begin je te gissen wat ze voor ons in petto hadden, want deze dames kunnen er wat van en houden van verrassingen.
Maar je begint wel nieuwsgierig te worden en dachten soms dat we naar een musical, of één of andere voorstelling zouden gaan.

Maar wat werd het een dag!

’s Morgens de 24ste april werden we opgehaald door Annemarie en die bracht ons naar Janet waar de koffie met gebak al klaar stond. Maar tot onze verbazing waren onze schoonzoons en pake- en beppesizzers ook aanwezig en allemaal tip top gekleed.
De spanning steeg en opeens gaat de deur open en stapt de burgemeester met gevolg binnen. Door de schrik zei ik tegen hem “Wat dogge jo hjirre”.
“Lees dit kaartje maar even, zei hij, dan zal het duidelijk worden”.

Nog meer verbazing!

We werden allen om 10.00 uur uitgenodigd om op het gemeente-huis te zijn. Daar aangekomen lag de rode loper al klaar en was ik verplicht (want ik liep er eerst naast) om daar over heen te gaan lopen.

Wat een eer!

Binnen waren vele mensen aanwe-zig en tot mijn grote verbazing zag ik daar allemaal bekenden van mij: bode Hiltsje van der Brug, bestuur begrafenisvereniging, bestuur Grutte Gelf. Ik wist niet wat ik zag.
Voor de officiële toespraak mochten Joop en ik plaats nemen in een heuse koninklijke zetel, waardoor ik me steeds meer “Koninklijker” begon te voelen.
Na de toespraak werd mij dus door de burgemeester het “speldje van verdien-ste” opgespeld, en werd ik benoemd tot lid in de orde van Oranje-Nassau.

Een moment om nooit weer te vergeten

Op een gegeven moment werd ik door onze kleinzoon Niek Wassink gevraagd voor een klein interview dat door de NOF uitgezonden zou worden. Wat ben je dan ontzettend trots dat je door je eigen “beppesizzer” geïnterviewd wordt.
De hele middag werden er vele foto’s genomen die dan ook te zien waren in de vele kranten.
Na de plechtigheid zijn we nog met het gehele gezin wezen eten in Kolkzicht en daar stond het personeel al klaar om mij te feliciteren.
Moe en voldaan thuis gekomen zag ik dat ik ontzettend vele felicitaties had gekregen d.m.v. appjes, kaarten, bloemstukken, telefoontjes. Ook de bewoners van de dagopvang waar wij nog steeds voor rijden, hadden een prachtige kaart gemaakt. Ik viel van de ene verbazing in de andere.
Wat is me vandaag toch overkomen.
Ik had moeite om dit allemaal tot me door te laten dringen.

Wat een dag!

Dagen er na ontving ik de vier geloofsbrieven, geschreven door onze dochters, bode Hiltsje, Henk van der Veen en Meindert Brouwer.
Deze mensen wil ik ontzettend bedanken voor hun geweldige inzet en prachtige woorden.
Met plezier, en omringd door fijne “collega’s” heb ik het werk voor de Grutte Gelf en de begrafenisvereniging mogen doen.
Tot slot wil ik iedereen die me gefeliciteerd hebben, heel erg bedanken.
Deze dag, waar ik ontzettend dankbaar voor ben, zal ik nooit weer vergeten.

WAT EEN DAG

Groetjes, Djoeke Postma-de Jong